Ik ben geen grote babbelaar

Annelies Naert

 

’s Avonds na het werk brengt de trein me van een grote stad naar een veel kleinere stad. Wagens op het stationsplein, een fietsenstalling die uit zijn voegen barst en pendelaars die te luid afscheid nemen van hun medetreinreizigers. Ik zucht. Het is me allemaal te druk.

Iets verderop draai ik een hoek om en verdwijn in een steegje, verscholen voor wie er achteloos passeert. Het smalle asfaltpad slingert tussen achterkanten van tuinen en is omzoomd door grasperken, oude lindebomen en beukenhagen. Hier en daar is een bankje neergepoot. Het is het terrein van de fietser en de wandelaar en voor mij een handige shortcut naar huis.

Het bladerdek dempt de stadsgeluiden. Ik haal diep adem en snuif de frisse lucht op. De natte herfstgeur van eiken die hun blad verliezen, overvalt me. En dan het beeld waar ik elke avond opnieuw naar uitkijk: tussen de daken van de lager gelegen huizen doemt het platteland op. Op de heuvelrug in de verte prijkt de vertrouwde molen.

Dat beeld en die rust. Ze zijn voor mij een noodzaak geworden. Hier laat ik de werkdag achter me. Ik ben, in tegenstelling tot wat mijn job misschien doet vermoeden, geen grote babbelaar. Ik heb best veel nood aan ruimte-voor-mezelf. Aan stilte. Ik woon bewust niet in een grote stad. Ik zou er verdrinken, denk ik. Ten onder gaan aan te-veel-lawaai, aan te-veel-geuren, aan te-veel-mensen. Stilte is een luxe. Net als echt lekker eten en een roman met een openingszin om van te smullen.

Maar kijk, tien minuten later sla ik alweer een hoek om en steek een straat over, helemaal klaar om ondergedompeld te worden in de avondrush van mijn gezin. Lang leve luwteplekken!

 

Wie is Annelies Naert?

Annelies is communicatiemedewerker bij Broeders van Liefde.

Ze denkt eraan een cursus interieurvormgeving te volgen en droomt er al heel haar leven van om piloot te worden.

 

 

Geef een reactie

Je email adres wordt niet gepubliceerd. Required fields are marked *

Post comment