In 2016 werd er een vluchtelingendeal gesloten tussen Turkije en de Europese Unie. De deal zorgde voor minder aankomsten, maar het systeem hapert. Vluchtelingen verblijven maanden, soms jaren, in opvangkampen voor hun asielprocedure is afgerond. In de winter van 2019 trok fotograaf Layla Aerts naar kamp Moria op het eiland Lesbos in Griekenland, in maart 2020 sprak ze met enkele vluchtelingen in Edirne, Turkije.

Redactie: Layla Aerts & Nikkie Steyaert, fotografie: Layla Aerts

“ZE HOPEN DAT MIJN BEELDEN MENSEN ZULLEN WAKKER SCHUDDEN”

Layla – 42

Ik werk al 20 jaar als persfotograaf en doe vaak korte interviews. Ik heb al veel armoede en onrecht gezien, maar wat ik in het vluchtelingenkamp Moria voor mijn lens kreeg, tart de verbeelding. Ik heb zelf een dochter van 9. Wanneer ze gaat slapen, hoeft ze niet bang te zijn voor de nacht. Dat geluk hebben de kinderen in Moria niet. Wij, Europeanen, zijn de oorzaak dat zij daar vastzitten en geen oog dicht doen. We weigeren hen binnen te laten.
In december 2019 beslis ik op eigen initiatief naar Lesbos te reizen om die vluchtelingen, de vele gezinnen en kinderen, een gezicht te geven. Om te tonen dat zij gewoon mensen zijn die miserie ontvluchten en hopen ergens opnieuw te kunnen beginnen. Ze zien me graag komen, ze hopen dat mijn beelden het slapende Europa wakker schudden. De aanwezigheid van de pers geeft hen een veilig gevoel. Zolang wij er zijn, gaan politie of leger hen niet lastigvallen, oppakken of erger: terugsturen.
In de nacht van 8 op 9 september 2020 verwoest een hevige brand zo goed als het hele vluchtelingenkamp. Via WhatsApp ontvang ik noodkreten en foto’s van vluchtelingen die ik heb ontmoet. Ze zijn wanhopig. Ik beslis terug te keren.
De situatie is ernstig: het lijkt wel een concentratiekamp.

Overal omheining en patrouilles. Ik mag niet binnen, dus kruip ik door de ijzerdraad. Het kamp is vies en ligt pal aan zee: de koude wind snijdt door merg en been en blaast geregeld een tent omver. Er is maar 1 toilet per 100 mensen, iedereen zit op elkaar gehokt, maar niemand durft het kamp te verlaten, bang om die ene maaltijd per dag mis te lopen. Het is onmenselijk. Hun leven staat op pauze. Ik voel me schuldig dat ik hen niet naar Europa kan brengen. Ik maak foto’s en hoop dat ik zo kan helpen. Zij kunnen echter niets doen, alleen maar wachten.

“Iedereen zit op elkaar gehokt, maar niemand durft het kamp te verlaten, bang om die ene maaltijd per dag mis te lopen”

 

Fotograaf Layla Aerts: “Vluchtelingen zijn de speelbal van zowel Turkije als de Europese Unie. Ze worden door de Turkse politie naar de grens gebracht met de belofte dat ze Europa binnen mogen, maar komen terecht in een bufferzone tussen Griekenland en Turkije. Ze mogen Griekenland niet binnen en kunnen niet meer terug naar Turkije.”

“WE KUNNEN NIET TERUG NAAR HUIS”

 

Aisha – 24

“Ik ben samen met mijn man en drie kinderen vertrokken: een kind van 1 jaar en twee van 4 jaar.
We zijn een maand onderweg geweest van Afghanistan naar Iran, grotendeels te voet. Turkije doorkruisten we op 15 dagen.

De kinderen zijn moe en de jongste heeft koorts. ’s Nachts is het koud. We hebben gehoord wat er gebeurt aan de grens. Als je er belandt, raak je niet meer weg, maar we kunnen ook niet terug naar huis. We hebben alles verkocht wat we hadden om tot hier te geraken.

We zitten hier vast. We weten niet wat we moeten doen. Ze wilden ons in de val lokken. De Turkse politie bracht ons tot aan de Meriç-rivier (op de grens van Turkije en Griekenland) met de belofte dat we naar Europa konden. Toen we de verhalen over de bufferzone hoorden, zijn we terug naar Edirne gekomen.

We zijn vertrokken voor onze kinderen. We willen hen een betere toekomst bieden. We zijn niet op zoek naar geld of luxe. We willen werken en onze kinderen naar school laten gaan.

“We zijn niet op zoek naar geld of luxe. We willen werken en onze kinderen naar school laten gaan”

 

Fotograaf Layla Aerts: “De situatie in de bufferzone is onmenselijk. Terwijl ik met enkele vluchtelingen sprak, hoorde ik geweerschoten. De Turkse politie houdt de pers op afstand. Als ze de vluchtelingen komen ophalen, nemen ze hun gsm’s in beslag. Niemand mag zien wat er gebeurt.”

“WE HOORDEN DAT EUROPA DE MENSENRECHTEN RESPECTEERT. TOT NU TOE ZAGEN WE ALLEEN GEWELD”

Zehra – 37

“Ik werd geboren in de oorlog, heb nooit iets anders gekend. We zijn 4 jaar geleden gevlucht.
We willen onze kinderen naar school laten gaan. Dat is het belangrijkste.
We leefden drie jaar in Iran en 1 jaar in Istanbul in erbarmelijke omstandigheden.
In Iran gingen onze kinderen naar een privéschool. Mijn man (foto) werkte er als lasser. Soms werd hij niet of veel te laat betaald, maar het lukte net om hen naar school te sturen.
De Turkse overheid gaf ons 1000 Turkse lira (145 euro) voor ons gezin met zeven kinderen. Mijn man heeft zware leverproblemen. Sinds kort genieten vluchtelingen niet langer van sociale zekerheid in Turkije. Daardoor kan hij zijn behandeling niet meer volgen en voelt hij zich ziek.

Mijn oudste dochter Esma (11) is vorig jaar als beste van de klas geëindigd. Ze zou van ons een nieuwe fiets krijgen, maar die belofte zijn we niet kunnen nakomen.
We willen naar Europa voor een beter leven. We durven niet naar het grensgebied want we hoorden van vrienden die erheen trokken dat ze door de Turkse politie terug naar Afghanistan gestuurd zijn.
Overdag is het hier veilig, omdat er journalisten aanwezig zijn, maar ’s nachts is het verschrikkelijk. Gisterennacht wilden ze ons in bussen laden naar het grensgebied. Ze trokken onze kinderen uit hun bedden. Toen een filmploeg ter plaatse kwam, zijn ze vertrokken. We hebben angst voor wat er ons nog te wachten staat. We slapen amper. De kinderen zijn moe en ziek.
Toon onze situatie aan de wereld. Onze kinderen verdienen een betere toekomst.
We hoorden dat Europa de mensenrechten respecteert. Tot nu toe zagen we alleen geweld.”

“Mijn oudste dochter Esma is als beste van de klas geëindigd. Ze zou van ons een nieuwe fiets krijgen, maar die belofte zijn we niet kunnen nakomen”

 

Geef een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.